(Trouw - 2000-08-23)
Verdieping / De vergulde pil Hoe verwerft een bedrijf marktaandeel
voor de zoveelste nieuwe pijnstiller? Dat kóópt
het. Door creatieve gunstbetoning en agressieve publieksbeïnvloeding.
De nieuwste trend: reclame maken die rechtstreeks op de patiënt
is gericht. Reclameïnspecteur Hans ter Steege moet aan deze
praktijken een einde zien te maken.
Medicijnen
Joop Bouma en Eveline Brandt
"Boeven vang je met boeven", zegt Hans ter Steege, en
hij lacht. Tien jaar werkte hij voor de farmaceutische industrie,
voor het bedrijf Organon, onder meer als artsenbezoeker. Dat is,
simpel een vertegenwoordiger die de dokter komt vertellen dat
het nieuwe medicijn X echt wonderbaarlijk goed werkt tegen kwaal
Y en daarbij vaak een cadeautje meeneemt om binnen te komen.
Hij kwam overal binnen, 'maar altijd op een eerlijke manier'.
Lezingen hield hij, voor een publiek van artsen. Over de farmacologie
van hormonen, en ook over de anticonceptiepil van Organon. "De
toehoorders kregen een boek van dertig gulden en een glaasje whisky,
en dat was het. Dat vind ik toch van een heel andere orde dan
de praktijken die ik nu tegenkom. De gunstbetoning, zeg maar gewoon
de omkoping van artsen door de farmaceutische industrie, is veel
grover geworden."
Sinds één jaar is Ter Steege in dienst van de Inspectie
Gezondheidszorg. Als inspecteur voor het reclametoezicht moet
hij 'boeven' vangen. Want de regels worden door de zestig farmaceutische
bedrijven hier te lande met voeten getreden. "Ik ben nog
geen bedrijf binnengeweest waar niet iets aan de hand is. Kijk,
nieuwe geneesmiddelen zijn soms ietsje beter dan de oudere; soms
ook niet. Toch verwerven ze allemaal heel snel een marktaandeel.
Dat wordt eigenlijk gewoon gekocht. Niet op de klassieke manier,
waarbij een artsenbezoeker zijn verkoopverhaal houdt en de dokter
een warme hand en een cadeautje geeft dat mág. Nee,
artsen krijgen tegenwoordig vaak veel geld voor het voorschrijven
van een geneesmiddel en worden continue beïnvloed door mooie
reisjes en dure congressen."
Hij rekent voor: in Nederland werd vorig jaar een slordige 6,5
miljard gulden uitgegeven aan geneesmiddelen. Maar liefst dertig
procent hiervan, dus bijna twee miljard, besteden de fabrikanten
van deze middelen aan marketing en sales. Als Ter Steege echter
optelt wat er aan zichtbare reclame- en verkoopactiviteiten wordt
uitgegeven, zoals aan salaris van artsenbezoekers, aan folders
en promotie, komt hij bij lange na niet op twee miljard gulden.
"Er missen honderden miljoenen in die rekensom", zegt
hij.
Lans welke duistere wegen verdwijnt dat geld? De praktijken zijn
min of meer bekend. Bedrijven nodigen artsen uit op een sjiek
congres in een zonnig oord, waar zogenaamd wetenschappelijk wordt
aangetoond hoe geweldig hun nieuwe medicijn X werkt. Er wordt
gefleemd met golftoernooien, etentjes en concerten. Er worden
'seeding trials' opgezet: een bedrijf vraagt een arts tegen
betaling mee te doen aan een evaluatieonderzoek naar een
middel, maar beoogt daarmee vooral dat de dokter dat middel gaat
voorschrijven. Kortom: "Meer of minder subtiele manieren
om artsen en specialisten in te pakken", aldus Ter Steege,
die 'enorme misstanden' op dat gebied tegenkomt waar 'gigantische
sommen geld' mee zijn gemoeid.
Toegestaan zijn volgens het Reclamebesluit cadeautjes van 'geringe
waarde' binnen 'redelijke perken'. De inspectie hanteert voorlopig
de vuistregel dat per jaar drie cadeautjes ter waarde van maximaal
honderd gulden acceptabel zijn. Bovendien moeten die presentjes
van betekenis zijn voor de uitoefening van de geneeskunde of de
farmacie, aldus het Reclamebesluit. Toch zijn de skivakanties
naar vijfsterrenhotels en de dertigdelige encyclopedieën
gewoon geworden. Omdat iedereen altijd heef gezwegen. De overheid
stond erbij en keek ernaar; de artsen vonden het langzamerhand
normaal om zo gefêteerd te worden. "Het initiatief",
weet Ter Steege zelfs, "gaat vaak van de industrie uit, maar
soms óók van de artsen. Een directeur van een farmaceutisch
bedrijf vertelde mij dat er specialisten zijn die bedrijven opbellen
en keihard zeggen: 'Ik wil dat je nu een flink bedrag overmaakt,
anders ga ik een ander geneesmiddel voorschrijven.' Dit soort
praktijken schaden het imago van de goede specialisten enorm."
De bedrijven zelf hebben natuurlijk ook altijd gezwegen en gingen
gewoon hun gang. Maar sinds vorig jaar kan opeens ieder moment
de inspectie binnen komen vallen om de boeken door te spitten.
Binnen Nefarma, de koepelorganisatie van farmaceutische bedrijven,
geniet Ter Steege geen grote populariteit. Nogal wiedes, grijnst
hij: "We hebben de farmaceutische bedrijven laatst de regels
van de zelfregulering nog eens voorgehouden Daar staat keurig
in wat wel en niet mag. Als men zich gewoon aan die zelfregulering
zou houden, was er nu niet zo'n commotie."
Ondertussen gaan verschillende fima's door met hun grensverleggende
activiteiten. "Sinds ongeveer een jaar", zegt Ter Steege,
"wordt steeds duidelijker dat de farmaceutische industrie
hier probeert om publieksreclame voor receptgeneesmiddelen door
te drukken." Dit soort medicijnreclame, rechtstreeks gericht
op de patiënt, is in Europa verboden. Anders dan in de Verenigde
Staten, waar sinds 1994 'direct to consumer' promotie (DTC) is
toegestaan, óók voor medicijnen die uitsluitend
op recept verkrijgbaar zijn. Met alle gevolgen van dien. "De
omzet van receptgeneesmiddelen is daar met een paar miljard dollar
gestegen. Heel lucratief dus voor de fabrikanten. Maar niet alleen
hun omzet, ook het aantal ziekenhuisopnames wegens verkeerd geneesmiddelengebruik
is sindsdien enorm gestegen." Maagperforaties door teveel
pijnstillers; een onnodig hoog geneesmiddelengebruik: de nadelen
van het 'pillen-pushen' wegen volgens Ter Steege niet op tegen
de voordelen. Daarom probeert hij op te treden tegen fabrikant
Roche. Die slaat op alle mogelijke momenten en onoirbare-
manieren op de trom over zijn nieuwe 'afslankpil' Xenical. En
daarom houdt hij Pfizer in de gaten, de fabrikant van 'erectiepil'
Viagra. Pfizer wil de consument dolgraag rechtstreeks overtuigen
van de zegeningen van Viagra. Voor dat doel is het bedrijf openlijk
op zoek naar een reclamebureau dat in staat is om een mooie campagne
te maken waarmee het Europese verbod op 'direct to consumer'
reclame wordt omzeild. Ter Steege kan tot zijn verdriet nog niet
ingrijpen: "Het lastige is dat een voornemen tot ontduiking
van de wet niet strafbaar is, omdat het een overtreding is en
geen misdrijf ."
De grenzen worden veder verkend door het maken van 'symptoomreclame'.
Als we nu maar veel aandacht vragen voor het symptoom, de aandoening
impotentie, denkt Pfizer, en we noemen dat 'voorlichting', dan
gaat de impotente patiënt vanzelf bij de dokter om Viagra
vragen. Met datzelfde doel probeert Roche het probleem van obesitas
(zwaarlijvigheid) op de agenda te krijgen. Verder ziet Ter Steege
de folders die fabrikanten vervaardigen over hun pillen, oprukken
in de wachtkamers van artsen. Hij ziet hoe Libelle en andere publieksbladen
complete bijlagen publiceren over ziekten, waarbij direct of indirect
het bijbehorende medicijn wordt beschreven. "Voor veel van
die artikelen wordt dik betaald door de farmaceutische industrie.
Persoonlijk vind ik dat nog erger dan rechttoe-rechtaan reclame,
omdat er sprake is van misleiding. Advertorials zijn vaak niet
als zodanig herkenbaar."
Roche heeft dat ook gedaan met Xenical: pure reclame voor dat
middel werd in huis-aan-huisbladen gepresenteerd als een redactioneel
artikel. Ter Steege is hier mordicus tegen. Omdat, benadrukt hij,
deze promotionele praktijken waarmee bedrijven hun winst proberen
te vergroten, uiteindelijk schadelijk zijn voor de volksgezondheid.
"Mensen zeggen mij soms: de verborgen agenda van jouw werk
is natuurlijk om de kosten van de geneesmiddelen in de hand te
houden. Nee! Dat is geen motief voor de inspectie. Wij zijn uitsluitend
ingehuurd om de kwaliteit van de gezondheidszorg mee te helpen
bewaken." En het bewaken van de volksgezondheid kan maar
beter niet aan de farmaceutische industrie zelf worden overgelaten,
al wil die graag anders doen geloven. "De aandeelhouder van
een farmaceutisch bedrijf zal nooit campagnes accepteren waarmee
geen geld wordt verdiend. Het verweer van Roche dat hun advertenties
tegen zwaarlijvigheid zijn bedoeld om het publiek voor te lichten,
is dan ook onzin", zegt Ter Steege.
De wetgever is ook tegen DTC. Reclame voor receptgeneesmiddelen
mag hier niet gericht zijn op de patiënt, uitsluitend op
de arts. Die kan de baten van een geneesmiddel afwegen tegen de
bijwerkingen en risico's, en kan als enige beslissen of een middel
beter wel of niet voorgeschreven kan worden. Zo staat het als
sinds 1992 in een EU-richtlijn, en sinds 1994 in het Nederlands
Reclamebesluit. Maar de overheid heeft, verzucht Ter Steege, tot
april 1999 bitter weinig aan de handhaving van dit besluit gedaan.
"Pas toen werd ik met vier medewerkers aangesteld om de handhaving
van deze wetten eindelijk te gaan controleren." Ook de industrie
heeft in die periode niet de verantwoordelijkheid genomen door
zelf de regels na te leven. "Bedrijven gaan gewoon door met
het overschrijden van de grenzen tot er een klacht wordt ingediend."
Dus wat doet de inspecteur: klachten indienen. Binnenvallen bij
bedrijven. Hun marketingplan opeisen. In de boeken snuffelen en
uitzoeken waar al die honderden miljoenen naar toe gaan. Het bedrijf
berispen. Of, zonodig, strafrechterlijk vervolgen. Bij justitie
liggen inmiddels enkele strafzaken op de plank. Zoals tegen Roche
wegens de Xenicalreclame en tegen fabrikant Glaxo om diens promotie
van de 'antirookpil' Zyban.
Maar de strijd van Hans ter Steege en zijn medewerkers lijkt vooralsnog
veel op die van David tegen Goliath. "Op een overtreding
van het Reclamebesluit staat nu een boete van maximaal 10 000
gulden", zegt Ter Steege. \"Alsof een industrie die
zoveel geld kan verdienen met overtreding zo'n lage boete niet
zou riskeren. Met vijf man staan wij nu tegenover een machtige
industrie die bijna 2 miljard gulden te besteden heeft, te dreigen
met een boete van tien mille! Je moet overtreders zo hard in hun
portemonnee treffen dat het niet loont om aan gunstbetoning of
andere verboden praktijken te doen."
Er ligt al vier jaar een wetsvoorstel bij Tweede kamer voor een
administratieve boete tot maximaal 200 000 gulden. Maar die wetswijziging
is er nog niet door, en bovendien zal voor zo'' sanctie een langdurige
procedure gevoerd moeten worden. Ondertussen wordt met sommige
geneesmiddelen een omzet van 100 tot 200 miljoen gulden per jaar
gehaald. ""et andere woorden: het is nog altijd alleszins
de moeite waard voor de farmaceutische industrie om de wet te
overtreden."